Ik voel me schuldig omdat ik ziek ben

Voor de kinderen is het vandaag de eerste schooldag na een lange en warme zomervakantie. We hadden niet de indruk dat ze erg zenuwachtig waren om naar hun nieuwe school en nieuwe klas te gaan. In tegendeel, ze hadden er juist zin in! Eenmaal thuis gekomen na het wegbrengen van de kinderen voel ik mezelf ineens zitten. Om me heen wordt het ‘normale’ leven wordt opgepakt. De vakanties zijn voorbij, de volwassenen zijn weer aan het werk en de kinderen naar school. En ik? Ik zit thuis, zonder werk en met het labeltje ‘Chronische PTSS’.

Met mentale klachten in de ziektewet zitten is behoorlijk ingewikkeld en gaat, in ieder geval bij mij, gepaard met een nogal groot schuldgevoel. Je kunt mentale klachten namelijk niet zien en iemand met mentale klachten kan vaak nog wel gewoon sommige dingen die niet-zieke mensen ook kunnen. En daar zit precies de crux want tijdens de vakantie viel het niet op als ik met een bakje koffie en een boek buiten zat, iedereen had toch immers vakantie? Maar nu de vakanties voorbij zijn moet ik echt een enorme drempel over om ook maar iets buiten te doen. Wat zullen andere mensen wel niet denken? Daar fietst die jongeman alweer op maandagochtend, zou hij niet moeten werken? Of wat te denken van de buurt en alle langsrijdende mensen bij ons huis? Het is een strijd voor mezelf om aan dit soort gedachten te ontkomen. Of ik nou wil fietsen, een wandeling wil maken of gewoon buiten wil zitten – dit is het dagelijkse gevecht. Vanochtend zat ik even een kwartiertje buiten om bewust over die, deels zelf opgeworpen, drempel te stappen. En toch, ik durfde bijna niemand aan te kijken in de angst dat het iemand was die mij herkende. Nadat het eerste bakje koffie op was ben ik maar weer snel naar binnen gegaan.

Mijn vrouw is er een stuk makkelijker en nuchterder in. Wat maakt het uit wat andere mensen denken? Wij weten dat je ziek bent en dat je niet aan het werk kunt. Punt. Wat andere mensen denken moeten andere mensen denken. Heerlijk als je die knop zo om kunt zetten. Mij is het nog niet gelukt. Morgen een nieuwe poging.